In de hedendaagse bedrijfswereld is duurzaamheid niet langer een optie, maar een noodzaak. Bedrijven worden aangemoedigd om over te schakelen op circulaire businessmodellen om de negatieve impact op het milieu te verminderen en tegelijkertijd economische groei te bevorderen. De whitepaper "Classificatie van Circulaire Businessmodellen" biedt een uitgebreid overzicht van de verschillende soorten circulaire businessmodellen, hun organisatorische kenmerken en strategieën, en de relatie met de R-ladder. In deze blog ga ik hier verder op in.
Begrippenkader
De whitepaper zet op een mooie, overzichtelijke manier in een figuur waar verduurzamen, recyclen en circulariteit op neerkomen, zoals hieronder wordt afgebeeld.

In onderstaand schema worden drie vormen van waardecreatie onderscheiden: verduurzamen, recyclen en circulariteit. Elk van deze drie vormen kent een eigen doel of ambitie te weten: eco-efficiëntie, terugwinnen en waardebehoud. Deze vormen van waardecreatie sluiten elkaar niet uit, maar lopen eerder in elkaar over. Waardecreatie vindt altijd in een waardevolle sociale en ecologische context plaats. Het proces van waardecreatie zou deze context ten minste moeten respecteren en intact laten, dus o.a. niet beschadigen, uitputten of vervuilen.
De Zeven Basistypen van Circulaire Businessmodellen
De whitepaper identificeert zeven basistypen van circulaire businessmodellen. Deze omvatten:
Grondstofmodellen: Deze modellen richten zich op het terugwinnen van producten, componenten en (bewerkte) grondstoffen aan het einde van de levenscyclus (afdankfase).
Ontwerpmodellen: De essentie van ontwerpmodellen is het ontwerpen van producten zodat deze passen binnen de logica van circulariteit. Het gaat dan om: ontwerp voor reparatie en onderhoud, ontwerp voor terugwinning en recycling, en ontwerp voor levensduurverlenging.
Levensduurverlengingsmodellen: Deze modellen richten zich op het verlengen van de levensduur van producten, componenten en (bewerkte) grondstoffen.
Platform(deel)modellen: De kern van platform(deel)modellen is het beter benutten van het gebruik van de bestaande capaciteit van producten die al in omloop zijn.
Verdienstelijkingsmodellen: Bij deze modellen wordt ingezet op het verschaffen van toegang tot de functie van een product aan een gebruiker; het dienstbaar maken van het product. De gebruiker wordt niet langer automatisch eigenaar van het product.
Beheer(s)modellen: De essentie van deze modellen is dat producenten en importeurs de verantwoordelijkheid houden voor de inzameling en veilige en adequate verwerking van door hen gemaakte of geïmporteerde producten aan het einde van de levenscyclus.
Levenscyclusmodellen: De essentie van deze modellen is dat producenten gedurende de gehele levenscyclus het eigenaarschap behouden van de producten die zij maken.
Om een circulair businessmodel (CBM) te realiseren, zijn er naast de keuze voor een basistype CBM, vier andere (organisatorische) keuzes die gemaakt moeten worden. Deze keuzes hebben betrekking op de kenmerken van een CBM. Dat zijn: strategische keuzes, organisatievorm, ondersteunende processen en verdienmodellen.
Strategieën
Wat is een passende strategische keuze bij een bepaald basistype CBM? Hier gaan we uit van de zogeheten R-strategieën. Dit is een lijst van tien strategieën die in toenemende mate helpen om circulariteit vorm te geven. Hoe hoger op de ladder, hoe meer circulair de strategie is. Onderstaande figuur geeft dit weer.

Organisatievormen
Het realiseren van een CBM noodzaakt vaak tot een aangepaste vorm van organiseren: van puur gericht op de eigen organisatie, naar meer en meer aandacht voor stakeholders, naar werken aan co-creatie (en gedeelde verdienmodellen) in plaats van concurrentie. Dat realiseren vraagt om verschillende organisatievormen, zoals hieronder onderscheiden. De complexiteit in die keuzes neemt hierbij steeds toe.

- De klassieke organisatie: Deze organisatievorm zoals we die nu nog heel vaak kennen, is gebaseerd op een (vaak) hiërarchische functionele structuur waarin processen, functies en taken verdeeld zijn. De grondslag voor dit type organisatie is te vinden in de industriële wijze van produceren.
- Horizontale en verticale waardeketen integratie: Maken van producten komt tot stand in waardeketens. Om controle te houden over o.a. toevoer van grondstoffen, kwaliteit, kosten, enz. kan een organisatie ervoor kiezen om activiteiten in de waardeketen zelf uit te voeren (verticale integratie) of juist samen te werken met andere organisaties in de waardeketen (horizontale integratie).
- Een kringloop met meerdere partijen: De essentie van het organiseren in kringlopen is het met het oog op het behoud van kwaliteit(en) meermalen gebruiken van grondstoffen, onderdelen of (refurbished) producten. Werken in kringlopen gaat dus verder dan (eenmalig) recyclen; het vraagt daarentegen om een ontwerp waarbij de levencyclusgedachte van meet af aan meegenomen wordt. Als terzijde, maar wel relevant om op te merken, is dat een kringloop zelden op zichzelf staat maar vaak onderdeel uitmaakt van een cluster van met elkaar samenhangende kringlopen.
- Een systeem van kringlopen (ook wel ‘organisatieecologie’ genoemd): In deze tekst wordt ervan uitgegaan dat we enerzijds radicaal duurzaam lineair moeten organiseren en anderzijds dat we daar waar dat past, kan en relevant is, circulair – dus in kringlopen – moeten organiseren. Hierdoor ontstaat een ‘hybride’ systeem van waardeketens en kringlopen waarbij de uiteindelijke opgave is om dat duurzaam te doen.
Word jij hier ook enthousiast van? Wil je ook meer circulair gaan ondernemen, of doe je dat al? Deel hieronder met ons hoe dit voor jou is.